De Geest van de letter

Niet dat wij uit onszelf bek­waam zijn…onze bek­waamheid is Gods werk, die ons ook bek­waam gemaakt heeft om dien­aren te zijn van een nieuw ver­bond niet der let­ter, maar des Geestes, want de let­ter doodt, maar de Geest maakt levend

2 Corinthiers 3:5 — 6

Een voor­beeld van liefde voor elkaar

Van­daag hoorde ik het iemand zeggen op de radio. Het was in zo’n klein toe­spraakje van een paar minuten. Hij zei: “de mensen wor­den weer gevoelig”.

Op zich denk ik inder­daad dat dat zo is. Maar een kant­teken­ing is op zijn plaats. Want waar wor­den de mensen gevoelig voor?

De radiospreker doelde op het ver­lan­gen naar het zien van elka­ars emoties. Mensen willen weer iets van het hart zien bij elkaar.

Lees verder

Blij zijn

Inte­gen­deel, verbli­jdt u naar­mate gij deel hebt aan het lij­den van Chris­tus, opdat gij u ook met vreugde zult mogen verbli­j­den bij de open­bar­ing zijner heerlijkheid.,

1 Petrus 4:13

Houd dit maar eens een dag vol…

Wan­neer je zo nu en dan een gesprek hebt, dat wat dieper gaat dan het reg­uliere geneuzel, komt vaak het humeur van de mens in het alge­meen ter sprake. Het gevoe­len is, dat men “min­der” blij is. Ik zet dat tussen aan­hal­ing­stekens, omdat min­der een relatief begrip is. Zeker in com­bi­natie met blij-zijn. Maar zeker; de mens wordt harder. Dat uit zich in een toen­e­mende intol­er­ante houd­ing. De mens heeft min­der voor elkaar over. En het blijkt, dat humeur en tol­er­antie in dit geval ver­want zijn aan elkaar.

Vanuit een wat meer bij­bels per­spec­tief, zou je kun­nen zeggen, dat de liefde verk­ilt. Verkillen betekent zoveel als: de warmte verd­wi­jnt er uit. Het vuur wordt niet meer gevoed. Net zoals er niets killer is dan een houtkachel, die halver­wege de nacht uit­gaat. De vol­gende mor­gen hangt er dan nog wel de geur van ver­brand hout. Maar het is geen pret­tige geur. Het stinkt een beetje.

Lees verder

Bezigheid als therapie 2

Onder de laat­ste cat­e­gorie, de echte zoek­ers, bevin­den zich de meeste religieuzen en gelovi­gen in de kerken. Ook zij besef­fen, dat er iets aan hun leven ont­breekt. Maar omdat hun denken geïm­preg­neerd is met de wens om zichzelf te bevredi­gen, zijn ook zij op zoek naar wel­vaart. Geestelijke welvaart.

Prachtig van bin­nen, maar wat als je dat aan de buitenkant niet kunt zien?

Van­wege ons belev­ings­gerichte denken, willen we bezig gehouden wor­den. Als we er maar niet meer aan hoeven te denken. Want als we er niet aan hoeven te denken, voe­len we ons tevre­den. Als die stem die voort­durend fluis­tert: “Ja, maar …” maar over­stemd wordt.

Lees verder