Getuigenis

Evangelie der verlorenen

want de Zoon des Mensen is gekomen om het ver­lorene te zoeken en te behouden

Lucas 19:10

En zo ziet het strand er in de win­ter heel anders uit…

Wij noe­men de laat­ste peri­ode in de maand decem­ber voor de 25e de donkere dagen voor kerstmis.

De reden is tweeledig. Ten eerste is het in de natuur de donker­ste tijd van het jaar.

De aarde heeft zich ten opzichte van de zon zodanig gedraaid, dat er gedurende enkele maan­den min­der licht en warmte op het noordelijk hal­frond valt: het is winter.

Hoe noordelijker men zich bevindt, hoe langer donker het is.

Op de noord­pool komt zelfs de zon hele­maal niet op.

Over een half jaar is het totaal anders en zit men op de zuid­pool weer lan­gere tijd in het donker.

Lees verder

Kijken met verbazing

Wan­neer Hij komt, om op die dag ver­heer­lijkt te wor­den in zijn heili­gen en met ver­baz­ing aan­schouwd te wor­den in allen die tot geloof gekomen zijn; want ons getu­ige­nis heeft geloof gevon­den bij u

2 Thess. 1:10

Herken­baar, maar niet hetzelfde

Wie wel eens een aap heeft geob­serveerd, komt onder de indruk van de nauwkeurigheid, waarmee het dier de mens kan nadoen.

We ken­nen alle­maal het woord na-apen.

Wan­neer je de aap gedurende een lan­gere tijd in de gaten houdt, begint het op je lach­spieren te werken: van­daar dat apen heel pop­u­lair zijn bij kinderen.

Ik weet overi­gens niet of het om die reden in een dier­en­tuin altijd zo druk is bij het verblijf van de mensapen.

Het kan natu­urlijk ook zijn dat de toeschouw­ers een glimp proberen op te van­gen van groot-opa.

Lees verder

Mag het iets meer zijn?

Het woord is betrouw­baar en alle aan­ne­m­ing waard, dat Jezus Chris­tus in de wereld gekomen is om zon­daren te behouden, van wie ik de voor­naam­ste ben…

1 Tim­o­th­eüs 1:15

Wan­de­len met God

De mens is een eige­naardig wezen.

Vanuit welke inval­shoek je het ook bekijkt.

Of het nu is vanuit het evo­lu­tiegeloof of vanuit het scheppingsgeloof.

De mens is eige­naardig en eigenzinnig.

Hij is ook eigenwijs.

Hij denkt alles te weten.

Of in elk geval denkt hij de mogelijkheid te hebben alles te onder­zoeken om dan, vanuit dat onder­zoek, ook nog een antwo­ord te vin­den op de vra­gen die hij zichzelf stelt.

Lees verder