We gaan gelukkig dood "Want het leven is mij Christus en het sterven gewin" Filippenzen1:21 |
Nieuwe CDEnkele weken terug (in 1998!) hoorde ik in een radioprogramma, dat er in Nederland een nieuwe CD was uitgebracht. De CD droeg een titel als die boven de meditatie staat en bevat allerlei nederlandstalig werk, dat rond het thema dood is opgebouwd. Blijkbaar zijn er inmiddels zoveel artiesten, die een muzieknummer hebben gemaakt met de dood als uitgangspunt, dat er een CD mee valt te vullen. De titel staat me niet meer helemaal voor de geest en ik ben te lui geweest om in de muziekhandel de titel te controleren, maar het kwam in elk geval op hetzelfde neer. Dat men er veel over schrijft en zingt is niet vreemd. De dood is dan ook een onderwerp, waar je niet los van komt. Met het leven weet de mens ook dat er op een bepaald moment een eind aan komt. Aan alles komt een eind. Het spreekwoord zegt trouwens: "aan alle 'goede' dingen komt een eind". Dus dat weet je dan alvast. In onze tijd, ik bedoel daarmee: in onze generatie, zijn we, althans in Nederland en omstreken, van alle gemakken voorzien. Globaal gesproken. Er is in feite niets dat de meesten van ons op materieel gebied ontbreekt. En juist als dat het geval is, dringt zich de gedachte op, dat je het niet vast kunt houden. Hoe materialistischer de mens is ingesteld, hoe meer dat tot de mens doordringt. |
Gelukkig doodgaanWe gaan gelukkig dood. Toen ik er wat meer over na dacht, drong tot me door dat je dat op twee manieren kunt begrijpen. De nadruk kan worden gelegd op het "gaan" in relatie tot geluk. Dan wil het zeggen, dat wanneer het moment van sterven daar is, je in elk geval kunt zeggen, dat je wat aan je leven hebt gehad en dat het niet erg is om te gaan. Je gaat gelukkig. Met een gelukkig gevoel. En tevredenheid is leesbaar op het gezicht van de stervende. In modern spraakgebruik zou je in dat geval kunnen zeggen: tjakka, we gaan er voor. Maar de nadruk kan ook worden gelegd op het woord gelukkig in relatie tot de dood. De dood is dan een gelukkige omstandigheid. Je wacht er als het ware op en bent blij als het moment daar is. De dood wordt op die manier een verlosser uit de treurnis van het leven. En het bijzondere is dat die twee aspecten in het dagelijkse leven (dat is ook een woordspeling) allebei tellen: de een gaat gelukkig dood en de ander gaat dood, gelukkig. Veel mensen, en zo niet de meesten, trachten wat afstandelijk tegen het sterven aan te kijken. Het is in de meeste situaties nog niet zover dat men sterft en met "toevallige" of gewelddadige sterfgevallen houdt niemand echt rekening. Die zijn voor de ander en we hopen en verwachten min of meer, dat het ons niet treft. |
Een eind aan je levenStatistieken wijzen echter uit, dat het aantal mensen dat een eind maakt aan hun eigen leven nog steeds toeneemt. En daarnaast, dat het steeds meer en steeds jongere mensen betreft. Zij vallen in de categorie van die mensen, die op de tweede manier tegen de dood aankijken. Het verschil is echter, dat ze er niet op wachten, maar de dood eigenhandig naderbij halen. Zij zien zo weinig hoop voor hun toekomst, dat een stop op het leven de enige oplossing lijkt. Niemand weet hoe het er achter de eindstreep voorstaat. De wetenschap maakt ons, onder leiding van het evolutionisme, echter wijs, dat het na de dood echt afgelopen is. Je hebt geen weet meer van iets. Er is de grote stilte. Gedachten en leven houden op. Er is geen beleving meer van wat dan ook. Een slaap zonder droom, waaruit je niet meer wakker wordt. Binnen dit kader wordt de dood een makker. Een bondgenoot in wiens armen men zich te rusten begeeft. Het leven is een aaneenschakeling van keuzen. Er komt van alles op ons af. In onze gedachten wegen we voortdurend af welke kant we op moeten. Zelfs zij, die zich laten drijven op de tijd, hebben die keus in feite gemaakt. Vraag is alleen of dat bewust of onbewust gebeurd. Voor hen geldt ogenschijnlijk het toeval. En het toeval is dan de karma, de lotsbestemming. |
Een "andere" doodVoor een Christen heeft de dood echter nog een andere betekenis. Ik laat daarbij andere geloven en filosofieën als bijvoorbeeld de islam en het Boeddhisme, voor het gemak maar even buiten beschouwing. Maar voor de Christen is de dood een vijand. Een heel concrete vijand. Maar die vijandschap gaat wat verder dan alleen maar het sterven van het lichaam, dat je kunt zien als het vervallen (of terugkeren) van de materie tot stof. Maar die vijandschap, wat kun je er mee. Kun je verzet plegen. Kun je jezelf onttrekken aan de dood, zodat de dood aan je voorbij gaat? En daarnaast: wil je dat dan wel? Ik weet van Christenen die in feite ook wachten op het verlossende ogenblik. Het leven is voor hen eveneens een aaneenschakeling van gebeurtenissen, waar je niet blij van wordt. Zij hebben zich dus vast gegrepen aan de strohalm die de dood heet. De dood is de poort, en dan in tegenstelling tot degenen die ongelovig sterven, niet een eeuwige rust en onwetendheid, maar een ingaan tot het ware leven, het leven waar de Schrift van spreekt. Nu lijkt dat een onmiskenbaar groot verschil. Maar in feite is het een variant op het thema. Want ook die Christen sterft, gelukkig. Net als de ongelovige die eindelijk af is van de ellende, die het leven hem heeft gebracht, neemt ook de Christen met graagte afscheid van het leven waar hij in het zwart ging vanwege des vijands onderdrukking. |
Denk er eens over naNu is het, beste lezer, een moment om even bij jezelf te rade te gaan. Want hoe zit dat nu met ons? Wat verwachten wij van de dood? Of liever gezegd, wat verwachten wij van het leven? Hoe stellen wij ons dit voor? Is de dood de poort tot gelukkiger tijden of is het sterven alleen maar het sluitstuk van een stoffelijke existentie? Het is een wat zwaar stukje deze keer; ik ben me er van bewust. Maar toch meen ik, dat het goed is om de aandacht er eens op te vestigen. Juist omdat het menselijk is. Want het leven is mij Christus, zegt Paulus, en het sterven is gewin. Wat bedoelt hij daar mee? Wat betekent het, als het leven Christus is? Vlak voor het moment dat Christus zelf zou sterven, gaf Hij aan dat Hij zijn discipelen niet als wezen zou achterlaten. Zij zouden niet alleen zijn. Niet eenzaam en verlaten. Er zou hun een Trooster gegeven worden, die in eeuwigheid!! bij hen zou zijn. Nooit zou deze Trooster hen in de steek laten. Zelfs niet bij het sterven. En ook niet wanneer Christus zou wederkomen aan het einde der tijden. Zelfs dan zou deze Trooster bij hen zijn en hen niet alleen laten. |
De troostDe troost is een uitdrukking die wordt gebruikt om aan te geven, dat het nog niet compleet is. Troost heb je nodig in tijden van verdriet. Of, in dit geval, wanneer de grote Geliefde niet lijfelijk aanwezig is. Troost heb je nodig wanneer je, ver in den vreemde, strijd aan het front. De brief met de foto van je geliefde en de wetenschap, dat ze aan je denkt - dat bewijzen de woorden die je in de brief leest - zijn de troost en het houvast dat je nodig hebt om het vol te houden: er komen betere tijden. Tot zover is het geheel overeenkomstig de gedachte dat de ellende met de dood ophoudt. Maar als Jezus de Trooster belooft, gaat dat dieper dan alleen maar de riem onder het hart: jongens, houdt vol, want er komen eens betere tijden. Jezus belooft in de Trooster Zichzelf: "Ik en de Vader zullen komen en bij jullie zijn". Anders gezegd: We komen terug en nemen jullie mee, zodat we samen kunnen zijn, in eeuwigheid. Geborgen in de hand van de Vader. In het huis met de vele kamers. Die belofte van eenheid is gegeven vlak voor het heengaan van Jezus. En de discipelen hebben het na een korte tijd van eenzaamheid en angst aan den lijve ondervonden: kracht van omhoog. Ze werden opgetild in de geest en werden verbonden met de troon van God. Het Leven Gods werd in hen tot een bron van levend water. En vanaf dat moment stond hun aardse bestaan in dienst van dat ene: het leven Gods doorgeven aan anderen. |
Winnen bij het sterven?Het sterven is gewin. Natuurlijk, want als je sterft neem je volledig de intrek bij de Vader. Dan is er geen confrontatie meer met de vergankelijkheid. Maar het leven is mij Christus. Dan immers kunnen we nog keuzen maken. Dan kunnen we aan anderen nog iets doorgeven van het Leven Gods, dat in ons is. Zodra we sterven is die mogelijkheid afgesneden. Vandaar dat Paulus stelt, dat het beter is nog even te blijven "om uwentwil". De mens zonder Christus in deze wereld, heeft maar 1 belofte: hij zal eens sterven. Dat kan als een zwaard boven zijn hoofd hangen, maar ook als een welkome uitvlucht. Een andere mogelijkheid is er niet. Voor hem geldt laten wij eten en drinken want morgen sterven wij. En naarmate het moment nadert, ontstaat angst voor het onbekende. Vele ongelovigen (en helaas ook gelovigen) sterven immers niet met een glimlach op hun gezicht. Voor de Christen is er een perspectief, waar we helaas niet allemaal zo van doordrongen zijn. Maar het is er wel. Het sterven kan iets zijn, waarover we uiteindelijk min of meer de schouders over ophalen. Dat kan, omdat het Leven Gods in ons, de kracht van het sterven volledig breekt. Dood waar is je prikkel? Er is geen angst voor het sterven. Want Christus is ons leven. Hij leeft in ons. In Hem staat de Christen boven de situatie en kan hij hem aan. Met Christus spring ik over een muur. |
En? Hoe zit het bij jou?Beste lezer, heeft u de Trooster in uw leven al ervaren? Bent u geborgen in het Leven Gods? Het is namelijk helemaal niet nodig om struikelend van moment tot moment het leven door te worstelen. Het is mogelijk om onder leiding van de levende God te huppelen. Hand in hand met Christus Jezus, die ons verlost van de komende toorn. |




